NWO-subsidie voor mobiel lab maatschappij- en gedragswetenschappen

13 maart 2018

Maatschappij- en gedragswetenschappelijk onderzoek doen op locatie wordt binnenkort gemakkelijker. Wetenschappers van de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam (UvA) haalden namelijk onlangs een subsidie binnen in het kader van het programma Investeringen NWO-middelgroot, waarmee ze een mobiel lab kunnen opzetten. Te gebruiken door sociale wetenschappers  van de UvA én van andere universiteiten.

Observaties met camera’s, eyetrackers of EEG-apparatuur: dergelijk onderzoeksmethoden zijn voor een flink aantal sociale wetenschappers niet nieuw. Veel van dergelijk onderzoeker vindt nu plaats op het terrein van een universiteit, bijvoorbeeld in het LAB van de UvA. ‘Dat is voor veel onderzoek ook uitstekend, zo’n gecontroleerde omgeving, maar soms het kan een nadeel zijn voor de diversiteit van je onderzoeksgroep’, vertelt communicatiewetenschapper Bert Bakker.
‘Voor heel veel mensen is de universiteit geen vertrouwde omgeving; zij zullen zich niet zo snel als proefpersoon aanmelden. Als onderzoeker ben je vaak aangewezen op UvA-studenten. Stel dat je onderzoek doet naar kiesgedrag, dan zal het grootste deel  van je proefpersonengroep waarschijnlijk bestaan uit mensen met links-progressieve opvattingen. De rechterzijde van het politieke spectrum mis je vrijwel helemaal.’
‘Daarnaast zijn bepaalde studies vrijwel alleen op locatie te verrichten, denk aan studies onder gevangenen, of observaties van schoolklassen of vergaderingen in bedrijven. Ook is een lab aan een universiteit altijd een artificiële setting, in elk geval meer dan bij lab-onderzoek dat op locatie, in de vertrouwde omgeving van de proefpersoon, plaatsvindt.’

Onderzoek tijdens Lowlands

Toen Bakker twee jaar geleden samen met politicologen Gijs Schumacher en Matthijs Rooduijn onderzoek deed naar onderbuikgevoelens en spirituele ervaringen van Lowlands-bezoekers, ontstond de idee voor de opzet van een mobiel lab. ‘Als UvA hebben we de benodigde apparatuur voor dergelijk onderzoek wel in huis, maar LAB-manager Marco Teunisse moest voor ons wel zijn halve lab uit elkaar halen. Hoe fijn en efficiënt zou het zijn als we een soort research truck zouden hebben, met apparatuur die we gemakkelijk mee kunnen nemen?’ Bakker en Schumacher dienden samen met Claes de Vreese (hoogleraar Politieke Communicatie) en Frans Oort (hoogleraar Methoden en Technieken bij de afdeling Pedagogiek en Onderwijskunde) een aanvraag in voor een subsidie in het kader van het programma NWO-middelgroot, bedoeld voor de investering in (technische) benodigdheden voor mobiel onderzoek.

Brede set aan materialen

De aanvraag werd toegekend; de aanschaf van een mobiel lab kan beginnen. Bakker en zijn collega’s gaan de financiering gebruiken voor een breed scala aan materialen. Het mobiele lab wordt daarmee, zoals de richtlijnen voor de subsidie ook voorschrijven, bruikbaar voor een brede groep onderzoekers op het gebied van de maatschappij- en gedragswetenschappen - van de UvA én van andere universiteiten. Er komen tafels, stoelen en kamerschermen, iPads, EEG-apparatuur, fysiologie-apparatuur (hartslag, opwinding, etc.), eyetrackers, camera’s et cetera. Elk apparaat is voorzien van een eigen computer, zodat deze direct gebruiksklaar is. Bakker lacht: ‘Het enige dat nu nog ontbreekt, is een bus of truck waarmee we de apparatuur kunnen vervoeren, maar wie weet komt dat nog.’

Ongekende mogelijkheden

Bakker denkt dat er veel vraag is naar het mobiele lab. ‘De mogelijkheden zijn ongekend. Je kunt heel specifieke en soms moeilijker bereikbare doelgroepen onderzoeken, denk aan scholieren, festivalbezoekers, medewerkers van bepaalde bedrijven, gevangenen, bewoners van specifieke wijken et cetera. Dat kan ook helpen bij het aanvragen van onderzoekssubsidies; je bent minder afhankelijk van de bereidheid van proefpersonen die naar de universiteit moeten komen. Daarnaast is het een mooi valorisatie-instrument: je laat mensen direct zien wat voor onderzoek je doet. Je brengt hiermee de universiteit als het ware naar buiten.’

In het najaar van 2018 gaan Bakker en zijn collega’s de apparatuur testen; in het voorjaar moet het mobiele lab volledig gebruiksklaar zijn.

Gepubliceerd door  Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen