Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

Broedplaatsen, bingomiddagen en buurtmaaltijden

UvA-antropoloog Linda van de Kamp deed 3 jaar lang onderzoek naar verbinding tussen mensen in Amsterdam-Noord. ‘Beleidsmakers zien vaak een tweedeling: de oude bewoners versus de yuppen.’

Amsterdam-Noord, enkele jaren geleden. Een groep kunstenaars belt aan bij buurtbewoners. Ze geven hen broodpoppen. ‘Die moesten ze verzorgen,’ zegt UvA-antropoloog Linda van de Kamp (38). ‘Later kwamen ze bijeen, in het Noorderpark, met wijn, brood, water. De kunstenaars spraken over tolerantie, openstaan voor anderen. Zo hoopten ze bewoners te verbinden.’ De helft liep weg. ‘Net een sekte,’ zouden ze later zeggen.

Het is een voorbeeld van een mislukt buurtproject, zegt Van de Kamp. Voor haar onderzoek Yoga, bingo en gebed keek ze 3 jaar naar de manier waarop bewoners spreken over veranderende buurten in Amsterdam-Noord. Waar ontstaat verbinding? ‘In deze buurt groeiden mensen met het katholicisme op, waar ze later afstand van namen. Als de kunstenaars zich daarin hadden verdiept, hadden ze het project wellicht aangepast.’

In het veranderende Amsterdam-Noord – sociale huurwoningen worden verkocht, hippe horecazaakjes verschijnen – vinden veel van zulke buurtprojecten plaats, zegt Van de Kamp. Buurtmaaltijden, bingomiddagen, interactieve theatervoorstellingen. ‘Onder oude bewoners heerst veel protest tegen veranderingen. Ze zeggen: er wordt over ons besloten, maar niet gecommuniceerd. Moet je dan wel gepland verbinden? Of moet je het gewoon laten onstaan?’o:
 

Hoe hebt u dit onderzoek uitgevoerd?

‘Voor deze studie heb ik zo’n 50 tot 60 bewoners geïnterviewd en was ik bij veel bijeenkomsten – bewonersavonden, broedplaatsen, bingomiddagen. Daarnaast voerde ik heel veel informele gesprekken, vooral in buurten bij het IJ: de Vogelbuurt, de Van der Pekbuurt, het IJplein.’
 

Wat zijn uw meest opvallende bevindingen?

‘Allereerst zou het goed zijn om in bewonerscontact rekening te houden met de geschiedenis van Amsterdam-Noord. Die speelt nog steeds een belangrijke rol: denk aan de “ontoelaatbare mensen” uit de Jordaan die op woonscholen in Noord werden geplaatst, om hen “beschaafd” te maken. Nog steeds komen professionals van gemeente en welzijn bij buurtavonden vertellen hoe je met geld omgaat. Daar reageren mensen allergisch op, en beleidsmakers snappen niet waarom.’

‘Daarbij zijn veel gesubsidieerde projecten die mensen moeten verbinden te vluchtig. Dan komt er één maand een theatergroep naar de wijk om de bewoners te verbinden, maar eigenlijk moet je hier een maand zitten om überhaupt de historie te begrijpen. Buurthuizen kunnen dat soms beter.’
 

Beleidsmakers moeten dus hun blik veranderen.

‘Ja, beleidsmakers zien vaak een tweedeling: oude bewoners versus yuppen. Dat wordt benadrukt om subsidie te krijgen voor verbindingsprojecten, waardoor dit frame een eigen leven gaat leiden. Maar die tweedeling is niet zo simpel.'

Waarom vindt u zulk onderzoek belangrijk?

‘We spreken over de veryupping en verbetering van achterstandsbuurten, maar we moeten eens kijken naar wat er in werkelijkheid gebeurt. Werken de projecten? Of heeft het een averechts effect? En wat werkt er dan?’
 

De tweedeling is niet zo simpel