Hoe denkt het Nederlandse publiek over geautomatiseerde besluitvorming?

4 oktober 2018

Veel Nederlanders zijn bezorgd dat Artificial Intelligence (AI) leidt tot manipulatie, risico’s of onaanvaardbare resultaten. Dat is een van de conclusies van een onderzoek naar de ontwikkeling van geautomatiseerde besluitvorming (ADM) met AI. Het onderzoek werd uitgevoerd door een nationaal onderzoeksteam onder leiding van de Universiteit van Amsterdam (UvA).

ADM kan een grote impact hebben op onze samenleving. Daarom zette het  onderzoeksteam een survey uit naar de publieke kennis en percepties over ADM en AI in Nederland. De survey werd uitgezet onder een steekproef van Nederlanders om de publieke kennis, percepties, hoop en bezorgdheid rond AI te meten:  

  • De meerderheid van de respondenten heeft weinig kennis over Artifical Intelligence (AI) en algoritmen.
  • De grootste zorgen bestaan over AI die leidt tot manipulatie, risico’s of onaanvaardbare resultaten.
  • Er worden kansen gezien voor geautomatiseerde besluitvorming (ADM) als het gaat om zijn potentiële bruikbaarheid en voor de objectieve behandeling van burgers (bijvoorbeeld bij aanvragen van verzekeringen en hypotheken).
  • Gezondheid, justitie, handel en media en politiek worden het vaakst genoemd als voorbeelden als men nadenkt over ADM door AI.
  • Menselijke controle, menselijke waardigheid, eerlijkheid en nauwkeurigheid worden als belangrijke waarden genoemd bij het nadenken over ADM door AI.

Met dit onderzoek levert het team een bijdrage aan het publieke en politieke debat over AI en levert het input voor verder onderzoek naar rechtvaardigheid in geautomatiseerde besluitvorming.

Achtergrond van het onderzoek

Het onderzoek en rapport maken deel uit van een onderzoekssamenwerking tussen de Universiteit van Amsterdam, Universiteit van Tilburg, Technische Universiteit Eindhoven, Universiteit Utrecht en Radboud Universiteit. Het rapport is gebaseerd op de antwoorden van 958 respondents in een survey die is uitgezet tussen 26 juni en 4 juli 2018.

Gepubliceerd door  Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen