‘Dood slibrijk’ water in het Markermeer blijkt vol leven

31 oktober 2018

Het Markermeer is een belangrijk natuurgebied voor recreatie, drinkwatervoorziening en visserij. Maar, het staat ook bekend als een dood meer. Het troebele water zou de oorzaak zijn dat het niet goed gaat met de ecologie van het Markermeer. Maar is dat wel zo? Uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam blijkt dat het slibrijke water wel degelijk vol leven zit. En wel in een vorm die we kennen vanuit de open oceaan.

Het troebele water van het Markermeer heeft een directe invloed op het licht en de voedingsstoffen, twee noodzakelijke ingrediënten voor de groei van algen. Deze algen vormen de basis van het voedselweb.

Tegelijkertijd zijn in de water steeds minder voedingsstoffen aanwezig. Dit komt doordat het water schoner is geworden en er minder meststoffen worden geloosd. Er wordt daarom gedacht dat er hierdoor niet genoeg algen meer kunnen groeien om de rest van het voedselweb te ondersteunen, wat uiteindelijk leidt tot het verdwijnen van vissen en vogels.

Leven past zich aan

Uit een studie, uitgevoerd door het Instituut voor Biodiversiteit en Ecosysteem Dynamica (IBED-UvA) in samenwerking met onderzoeksinstituut Deltares, blijkt nu dat het leven zich aanpast aan de troebele omstandigheden in het Markermeer. Met een geavanceerde microscoop zagen zij dat het troebele water niet alleen bestaat uit ‘dood’ slib, maar dat er rondom de slibdeeltjes gemeenschappen van micro-organismen groeien. Deze onderzoeksresultaten zijn nu gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Limnology and Oceanography.

Markermeer met daarin levende vlokken bestaande uit slibdeeltjes, bacteriën en algen. Foto: Harm van der Geest.

Markermeer met daarin levende vlok bestaande uit slibdeeltjes, bacteriën en algen. Foto: Harm van der Geest.

Algen leven samen met bacteriën op de slibdeeltjes: bacteriën scheiden enzymen uit die voedingsstoffen vrijmaken waar de algen weer van kunnen leven en de bacteriën profiteren op hun beurt van de suikers die de algen produceren.

‘Dit soort microbiële levensgemeenschappen in de waterkolom kennen we al in de open oceaan waarin levende vlokken langzaam naar de bodem zakken (de zogenaamde mariene sneeuw), maar we hebben ze nu dus ook in het ondiepe troebele Markermeer gevonden. Omdat deze levende ‘vlokken’ continue in het water worden opgewoeld naar het oppervlak, krijgen ze genoeg licht waardoor algen kunnen blijven groeien,’ vertelt onderzoeker Harm van der Geest, één van de hoofdonderzoekers van het Markermeeronderzoek aan de UvA.

Doorsnede van een levende vlok bestaande uit slibdeeltjes, bacteriën en algen, welke aangetroffen is in de waterkolom van het Markermeer

Doorsnede van een levende vlok bestaande uit slibdeeltjes, bacteriën en algen, welke aangetroffen is in de waterkolom van het Markermeer. Copyright: Bregje Brinkman.

Vervolgstudie

Hoewel de micro-organismen zich kennelijk aanpassen aan veranderende omstandigheden, blijft het de vraag of de hogere organismen zoals zoöplankton en mossels deze vlokken wel kunnen eten. Ze zijn groter dan losse algencellen en bevatten ook een gedeelte met een lagere voedingswaarde. Het zou dus nog steeds kunnen dat het slib een impact heeft op de ecologie van het meer. In een grote vervolgstudie wordt nu geprobeerd om het gehele voedselweb van het Markermeer in kaart te brengen. Dit moet inzicht geven in exacte oorzaken van de achteruitgang van de ecologie.

Publicatiegegevens

Benthic hotspots in the pelagic zone: light and phosphate availability alter aggregates of microalgae and suspended particles in a shallow turbid lake. Bregje W. Brinkmann, J. Arie Vonk, Sebastiaan A.M. van Beusekom, Maria Ibanez, Miguel A. de Lucas Pardo, Ruurd Noordhuis, Erik M.M. Manders, Jolanda M.H. Verspagen and Harm G. van der Geest. Limnology and Oceanography, 2018

DOI link: https://doi.org/10.1002/lno.11062

Contactpersoon

  • dhr. dr. H.G. (Harm) van der Geest

    Assistant Professor of Benthic Ecology

    www.markermeer-onderzoek.nl
    H.G.vanderGeest@uva.nl
    T: 0205257721
    T: 0653781162

    Ga naar detailpagina

Gepubliceerd door  IBED